Sproeien of plassen? Zo herken je het verschil bij je kat

Sproeien en plassen zien er soms hetzelfde uit, maar hebben een verschillende oorzaak. Het onderscheid is de sleutel tot de juiste oplossing.

1 juli 2025 · 5 min lezen

Kat markeert territorium

Je vindt een natte plek in huis. Maar voordat je aan de slag gaat, is het cruciaal om te begrijpen wat je kat precies doet — want sproeien en plassen zijn fundamenteel verschillende gedragingen met fundamenteel verschillende oplossingen.

Plassen: onzindelijkheid

Bij gewoon plassen hurkt de kat neer op een horizontaal oppervlak — vloer, mat, zitbank, bed — en laat een middelgrote tot grote hoeveelheid urine achter. Het is normaal toiletgedrag, maar op de verkeerde plek. De oorzaak is bijna altijd medisch (blaasontsteking, blaasgruis) of heeft te maken met de kattenbak zelf: te vies, te klein, verkeerde vulling, slechte locatie.

Sproeien: territoriaal gedrag

Sproeien is een bewuste handeling om territorium te markeren. Je herkent het aan:

  • De kat staat rechtop, met de staart omhoog en trillend
  • Ze spuit een kleine hoeveelheid urine horizontaal tegen een verticaal oppervlak (muur, meubelpoot, deur)
  • De vlek zit op hoogte, niet op de grond
  • Ze graaft niet en er is geen ingraafgedrag achteraf

Sproeien komt voor bij zowel ongecastreerde als gecastreerde katten, maar is beduidend vaker bij ongecastreerde mannetjes.

Oorzaken van sproeien

Sproeien is bijna altijd een reactie op stress of territoriale onzekerheid:

  • Nieuwe kat in het huis of in de buurt (zichtbaar door het raam)
  • Verhuizing of verbouwing
  • Verandering in de huishoudsamenstelling
  • Ongecastreerd zijn (hormonaal gestuurd)
  • Conflicten met andere huiskatten
Gouden regel Als de natte plekken zich op verticale oppervlakken bevinden en klein zijn, denk dan aan sproeien. Op horizontale oppervlakken en groter: normaal plassen. De aanpak verschilt wezenlijk.

Wat doe je bij sproeien?

Castratie lost bij ongecastreerde katten in de meeste gevallen het probleem op. Bij gecastreerde katten richt je je op het reduceren van stress: zorg voor meer veilige plekken en schuilhoeken, gebruik feromoonverspreiders en zoek de stressoren op. Reinig gemarkeerte plekken altijd enzymatisch — anders blijft de geur bestaan en markeert de kat die plek opnieuw.